Een gat in de heg...

``Jip liep in de tuin en hij verveelde zich zo. Maar kijk, wat zag hij daar? Een klein gaatje in de heg. Wat zou er aan de andere kant van de heg zijn, dacht Jip. Een paleis? Een hek? Een ridder? Hij ging op de grond zitten en keek door het gaatje. En wat zag hij daar? Een klein neusje. En een klein mondje. En twee blauwe oogjes. Daar zat een meisje. Zij was net zo groot als Jip. Hoe heet je? Vroeg Jip. Janneke, zei het meisje. Ik woon hier. Gisteren woonde je nog niet hier, zei Jip. Vandaag woon ik hier, zei Janneke. Kom je met mij spelen? Ik zal door het gat kruipen, zei Jip...''
Uit: A.M.G. Schmidt, Jip en Janneke (1953)
Tussen de tuin van de buurmeisjes en die van ons hebben we ons eigen `gat in de heg':

... met niet één meisje `net zo groot als Jip', maar maar liefst twee!
