
Bellen blazen
Testje II.
Stel: de testleidster laat u een ondoorzichtige beker zien, een
plastic beertje en een doek. (nee, u mag niet even met het
leuke beertje spelen!) Het beertje verdwijnt in de beker,
doek erop. De testleidster grijpt met doek en al diep in de
beker, haalt doek omhoog en legt deze in hoopje op de
tafel. Zij vraagt u: `Waar is het beertje?'
Wat doet u?
- U kijkt in de beker, constateert dat het beertje weg is en kijkt vervolgens onder de doek.
- U kijkt in de beker, geen beertje! U kijkt nadenkend naar de testleidster, kijkt nóg een keer in de beker en weer naar de testleidster. Zij blijft haar vraag herhalen, waarna u onder de tafel op de grond gaat zoeken.
Stel: de testleidster pakt een doosje gekleurde blokjes. (nee!
afblijven!) Ze bouwt een torentje van 3 blokjes, schuift u
de rest van de blokjes toe en spreekt
vervolgens de woorden: `Nu moet jij hetzelfde bouwen.'
Wat
doet u?
- U zoekt drie blokjes bij elkaar en bouwt er een toren van.
- U zoekt een blokje uit de stapel, klimt ietsje over de tafel heen, buigt naar de toren van de testleidster en zet uw (vierde) blokje erbovenop.
Stel: de testleidster heeft een lange lijn op de grond geplakt en doet
uitvoerig voor hoe ze eroverheen loopt. Ze vraagt u
hetzelfde te doen.
Wat doet u?
- U haalt diep adem, concentreert u en loopt zo goed en zo kwaad als het kan over de lijn.
- U lacht eens vriendelijk naar de testleidster, en klimt nog eens op het trappetje uit de proefopstelling traplopen, en er weer af (dat heeft u immers nog maar 15 keer gedaan.)
Stel: de testleidster laat een aantrekkelijk uitziend vormenpuzzeltje
zien met 4 stukjes (Neeeeh! Even wachten! Zij eerst!) Ze
haalt de stukjes eruit en doet met veel omhaal alleen de
ronde voor. Ze haalt hem er weer uit en legt
puzzeltje+stukje voor uw neus.
Wat doet u?
- U denkt: `Ha, lekker makkelijk scoren, die is binnen!' en legt het stukje op zijn plek.
- U flikkert het stukje op zijn plek en begint met lichte ergernis en grote nadruk naar de rest van de stukjes te wijzen. Met de allergrootste moeite (en fysiek tegenhouden door mama) kunt u hierna geduld opbrengen om de testleidster het puzzeltje hierna nog eens met 2, en daarna nog eens met 3 stukjes voor te zien doen.
Stel: na ruim een uur testjes volbrengen, waarvan het merendeel eruit
bestond dat zeer verleidelijk speelgoed werd uitgestald, u
moest wachten totdat de testleidster ermee uitgespeeld
was, u het heeeel even mocht aanraken en gelijk weer moest
inleveren voor een volgende test, krijgt u een bal en een
popje. De bal moet u aan mama gegeven (dit doet u
direct). Dan zegt de testleidster: `Geef het popje maar
aan mij!'
Wat doet u?
- Met spijt in uw hart voldoet u aan de opdracht en geeft het popje aan de testleidster.
- U schudt nadrukkelijk nee, zegt er voor de zekerheid nog heel duidelijk `Nah!' bij, en knuffelt uw popje (u zit immers 3 dagen in de week op een KDV waarbij geldt `pik in, 't is winter!'). Als de testleidster zegt dat het popje nu echt terug in de koffer moet om te slapen, zegt u `Papuh.' en legt u het popje buiten handbereik van de testleidster voor u op tafel te slapen. Slaap lekker popje!
De testleidster vond het heel leuk met Anna samen te werken. En Anna had op haar manier ook best plezier. Ach ja, als La Bastide-van Gemert-kroost moet je af en toe iets over hebben voor de wetenschap. Over twee weken mag ze nog een keer...
Ps.: Anna scoorde overigens ruim binnen de categorie 23 tot 30 maanden. Zegt dat nu iets over Anna of over de test? ;-)